Low-leveltaal
Een low-leveltaal is een type programmeertaal met basisinstructies die door een computer worden herkend. In tegenstelling tot high-leveltalen die door software-ontwikkelaars worden gebruikt, is low-levelcode vaak cryptisch en niet leesbaar voor mensen. Twee veelvoorkomende typen low-levelprogrammeertalen zijn assemblytaal en machinetaal.
Softwareprogramma's en scripts worden geschreven in high-leveltalen, zoals C#, Swift en PHP. Een softwareontwikkelaar kan broncode in een high-leveltaal maken en bewerken met een programmeer-IDE of zelfs een eenvoudige teksteditor. De code wordt echter niet rechtstreeks herkend door de CPU. In plaats daarvan moet deze worden gecompileerd naar een low-leveltaal.
Assemblytaal staat één stap dichter bij een high-leveltaal dan machinetaal. De taal bevat opdrachten zoals MOV (verplaatsen), ADD (optellen) en SUB (aftrekken). Deze opdrachten voeren basisbewerkingen uit, zoals het verplaatsen van waarden naar geheugenregisters en het uitvoeren van berekeningen. Assemblytaal kan met een assembler worden omgezet in machinetaal.
Machinetaal, of machinecode, is het laagste niveau van computertalen. De taal bevat binaire code, die vaak wordt gegenereerd door high-levelbroncode te compileren voor een specifieke processor. De meeste ontwikkelaars hoeven machinecode nooit te bewerken of zelfs te bekijken. Alleen programmeurs die softwarecompilers en besturingssystemen bouwen, hoeven machinetaal te bekijken.
Test je kennis